Een pedicure verzorgt de voeten van klanten. Je bepaalt zelf welke voetklachten je kunt behandelen en je verricht handelingen om voetklachten te voorkomen. Meestal ben je zelfstandig ondernemer en heb je een eigen praktijk. Je kunt ook in dienst zijn van een schoonheidssalon. Je klanten komen naar de praktijk of je gaat bij de klanten langs. Zo kom je bijvoorbeeld vaak in verzorgingstehuizen, want veel oudere mensen hebben voetproblemen.
Voordat je met de behandeling begint, vul je alle relevante gegevens van de klant in op een klantenkaart. Bij de eerste behandeling maak je een voetafdruk van beide voeten, je doet een uitgebreid voetonderzoek en stelt een behandelingsplan op. De behandeling begint altijd met het desinfecteren van de voet. Daarna knip je de nagels en verzorg je de nagelomgeving en eventueel ingegroeide nagels of dikke 'kalknagels'.
Je verwijdert eelt en likdoorns. De behandeling wordt altijd afgesloten met het desinfecteren van de voet en het aanbrengen van een verzorgingscrème. Soms kun je een lichte voetmassage geven, als de voet hiervoor geschikt is, of je past hulpmiddelen toe om op een pijnlijke plaats de druk te verlichten.
Klaagt de klant niet alleen over zijn voeten, maar ook over rugpijn en/of hoofdpijn, dan kijk je naar de stand van de voeten. Een afwijkende voetstand kan hiervan namelijk de oorzaak zijn. In dit geval kunnen (steun)zolen nodig zijn. Als het nodig is, adviseer je de klant contact op te nemen met de huisarts of podotherapeut of geef je een goed schoenadvies. Je hebt veel instrumenten tot je beschikking: scharen, nageltangen, verschillende soorten mesjes en een pedicuremotor met verschillende soorten freesjes om nagels dunner en mooier te maken en om eelt glad te frezen. Je zorgt ervoor dat de instrumenten die je gebruikt, altijd zijn gereinigd en gedesinfecteerd. Je zorgt ervoor dat je altijd werkt in een schone omgeving.
|